Cursusinhoud

Fiche 5 - Leerling plannen en krijgen inzicht in tijdsbesteding

LEERPROCES/HUISTAKEN

Klassituatie

De leerkracht bepaalt hoeveel tijd de leerling aan een bepaalde taak/les mag besteden.

  1. De leerkracht geeft aan hoe lang leerlingen een bepaalde les moeten studeren of hoe lang ze oefeningen moeten maken over een bepaald onderwerp. Bijvoorbeeld:
    • talen- vervoegingen studeren gedurende 15 minuten
    • geschiedenis- overzicht van de geschiedkundige periodes studeren gedurende 10 minuten
    • wiskunde- vergelijkingen oplossen gedurende 20 minuten
  2. De volgende dag wordt geëvalueerd hoe grondig de leerlingen de leerstof kennen of hoeveel oefeningen ze correct hebben opgelost.
  3. Op basis van deze ervaring markeren de leerlingen hun lessen en taken volgens moeilijkheidsgraad.

De leerlingen noteren bij elke les en elke huistaak hoeveel tijd ze eraan besteden.

  1. De leerling neemt de agenda.
  2. De leerling noteert steeds begin- en eindtijd van een bepaalde taak of de tijd die hij/zij eraan besteedt.

De leerlingen moeten voor het examen van een vak verschillende hoofdstukken/onderdelen leren.

  1. De leerling noteert per onderdeel/hoofdstuk hoeveel tijd hij/zij eraan besteedt.
  2. De leerling bekijkt of hij/zij efficiënt en volgens een realistische tijdsindeling studeert. Bijvoorbeeld:’Een leerling heeft 5 uur om een examen (4 hoofdstukken) voor te bereiden. Aan het eerste hoofdstuk besteedt hij/zij 3 uur. Voor de volgende 3 hoofdstukken blijft er nog slechts 2 uur over.’

Voordelen

  • De leerlingen krijgen zicht op de tijd die ze aan iets moeten besteden.
  • De leerlingen krijgen een objectief beeld van de vakken waarvoor ze veel inspanning moeten leveren en de vakken waarmee ze minder moeite hebben.
  • De leerling ervaart welke onderdelen van een vak veel inspanning vragen en welke minder.
  • De leerkrachten kunnen dit als aanknopingspunt gebruiken bij een gesprek over studieresultaten.

Opmerking

Voor trage, perfectionistische leerlingen kan de leerkracht een limiet stellen aan de tijd die ze maximaal aan een bepaalde taak of les mogen besteden. Zie ook: fiche 5 en 22.

Nadelen

  • Sommige leerlingen concentreren zich meer op de klok dan op hun werk.

Materiaal

  • een plaats in de agenda waar de leerlingen voor elke huistaak en elke les kunnen noteren hoeveel tijd ze eraan besteed hebben.

Vooraf

  • Afspraken met de leerlingen over de bedoeling hiervan:
    • Nadien kunnen nagaan of de tijd goed is verdeeld.
    • Na verloop van tijd een beeld krijgen van de tijd die nodig is voor een bepaalde huistaak/les.
  • Nadien kunnen beoordelen of de tijd efficiënt besteed is.
  • Duidelijke afspraken over datgene wat niet de bedoeling is:
    • Op een goed blaadje bij een leerkracht komen te staan door veel tijd aan dat vak te besteden.
    • Meer tijd besteden aan het noteren van de tijd en het in het oog houden van de klok dan aan het studeren zelf.
Beoordeling
0 0

Er zijn momenteel geen reacties.

om als eerste een reactie achter te laten.