Cursusinhoud

Fiche 12 - Leerlingen studeren tekeningen, kaarten en schema’s

DIDACTIEK/HUISTAKEN

Klassituatie
De leerlingen moeten aardrijkskundige plaatsen op een blinde kaart kunnen aanduiden.

  • De leerlingen beschikken over een kaart waarop de in te studeren aardrijkskundige namen op de juiste plaats vermeld staan.
  • De leerlingen krijgen ook een kaart waarop die namen niet geschreven zijn.
  • De leerlingen leggen een doorschijnend plastieken mapje over de blinde kaart en schrijven daarop met een uitwisbare stift, op de juiste plaats, de in te studeren namen.
  • De leerlingen controleren of ze alles correct hebben benoemd.
  • De leerlingen vegen de namen op het plastieken mapje terug uit en blijven inoefenen tot ze alle namen correct kunnen plaatsen.

De leerlingen moeten de delen kunnen benoemen.

  • De leerlingen hebben een tekening waarop alle onderdelen benoemd zijn.
  • De leerlingen beschikken over dezelfde tekening waarbij de namen niet staan en de samenhorende delen niet op een gelijkaardige manier zijn aangeduid (het oefenblad).
  • De leerlingen leggen een doorschijnend plastieken mapje over het oefenblad en vullen daarop met een uitwisbare stift de namen in.
  • De leerlingen controleren of ze alles juist hebben benoemd.
  • De leerlingen vegen het kaftje terug schoon en beginnen opnieuw tot ze alle onderdelen correct kunnen benoemen. Bijvoorbeeld:
    • de onderdelen van het skelet
    • de onderdelen van het spijsverteringsstelsel
    • de lichaamsdelen in het Frans of in het Engels

Voordelen

  • De leerlingen studeren tot ze de leerstof ‘kennen’ en niet enkel ‘herkennen’ op een ingevulde tekening.
  • De leerlingen hoeven geen tijd te besteden aan het overtekenen van figuren alvorens te kunnen beginnen met studeren.

Nadelen

  • Elke leerling heeft twee exemplaren nodig (één dat in de klas wordt ingevuld en één om te oefenen).

Materiaal
Voor elke leerling:

  • een blanco exemplaar van elke tekening die de leerlingen moeten inoefenen
  • een doorschijnend plastieken mapje
  • een uitwisbare stift

Vooraf

  • De leerlingen moeten weten dat het oningevulde exemplaar bedoeld is om telkens opnieuw te gebruiken om de leerstof in te oefenen.
  • Ze moeten er dus een doorschijnend plastieken mapje over leggen en daarop met een uitwisbare stift schrijven en niet rechtstreeks op het blad invullen.

Opmerking

Deze werkwijze kan men ook ruimer gebruiken. Bijvoorbeeld een zelfde Franse tekst waarin steeds andere woordenschat is weggelaten: de zelfstandige naamwoorden, de werkwoorden, de voorzetsels en de bijwoorden, de bijvoeglijke naamwoorden.

Beoordeling
0 0

Er zijn momenteel geen reacties.

om als eerste een reactie achter te laten.